| Vraag om een plaats ter hoogte van de vleugels. De sensatie van stijgen en dalen is hier het minst. Hebt u in de auto nooit last van reisziekte, beeldt u zich in een vliegtuig in turbulentie dan in, dat dit hetzelfde is als het rijden over een weg. Die is ook nooit vlak. Ook in een auto voelt u de oneffenheden van de weg. Deze oneffenheden komen ook in de lucht voor, en die ervaart u bij turbulentie. Een vliegtuig wordt vaak alleen bij de start en landing nog door de piloot bestuurd, eenmaal in de lucht doen computers de rest. Deze staan ingesteld op een bepaalde vlieghoogte. Zodra het vliegtuig door turbulentie plotseling daalt (licht gevoel in het hoofd), grijpen zij in door het weer op de juiste hoogte te brengen (druk op het lichaam en in de oren). U hoort de motoren even extra lawaai maken, en u voelt dat u weer wat optrekt. Beeldt u ook gewoon in dat het vliegtuig dit allemaal aan het doen is; relateer wat u voelt en hoort aan deze acties. Velen hebben daardoor plots minder last van de turbulentie, simpel omdat zij niet langer gedesoriënteerd zijn in de zin van niet weten wat zij voelen en horen. Werkt dit niet, probeert u zich dan te concentreren op de film, het eten dat wordt rondgebracht of de mensen om u heen. |