Grasplan | Aanleg en onderhoud gazon, verzorgen gras |
 |
|
VoorOma vertelt u de basisbeginselen van de aanleg en onderhoud van uw gazon en het verzorgen van uw gras. |
|
|
 |
Gras in de tuin |
 |
Een gazon wordt vaak intensief gebruikt, maar moet toch mooi blijven. Dat kan alleen maar met goed onderhoud. Een goed gazon is mooi groen, herstelt snel na beschadiging, kan tegen flink belopen en frequent maaien en heeft grote weerstand tegen ziekten, droogte, schaduw en vorst.
Het sterkste is een mengsel van diverse grassoortsen: vooral polvormende en zodenvormende typen. Samen vormen ze een fijne, dichte grasmat. En niet de grondsoort bepaalt het mengsel, zoals vaak wordt gedacht, maar vooral het gebruik van het gras. |
|
|
 |
Twee gazontypen |
 |
Er is hoofdzakelijk keuze uit twee gazonmengsels: een fijn siergazon of een speelgazon dat een stootje kan hebben.
Gras voor siergazon bestaat bijv. uit een mengsel van roodzwenkgras en veldbeemdgras. Dat zijn fijne grassoorten die ook in de schaduw nog redelijk groeien, maar die niet te zwaar moeten worden belopen.
Kies voor intensief gebruik een speelgazonmengsel met onder andere Engels raaigras. Dat is veel sterker, maar ook wat grover en het is iets minder goed in (lichte) schaduw. |
|
|
 |
Het unieke van gras |
 |
| Wanneer u een blad van een boom of struik half doorknipt, groeit dat niet meer aan. Maar grasblaadjes groeien van onderaf wel aan als de bovenkant er wordt afgemaaid (of gegraasd). Het mooie effect van een grasveld ontstaat doordat alle grasplantjes op dezelfde hoogte worden ingekort. Ze groeien daarna met gelijke snelheid door tot u ze weer opnieuw afmaait. Gras begint in maart te groeien en gaat daarmee door tot ver in de herfst. Er zijn groeipieken in mei en augustus. Dat hele groeiseizoen door zult u wekelijks moeten maaien om de grasmat mooi te houden. Goed onderhouden kan een grasmat bijna oneindig lang mooi blijven. Maar daar komt meer bij kijken dan maaien alleen. |
|
|
 |
Een goed gazon maken |
 |
| Dat begint met grondige bodembewerking. De bodem moet vooral goed worden voorbereid. Een teveel aan regenwater moet vlot kunnen wegzakken en bij droogte moet water naar de graswortels kunnen opstijgen. Er moet voldoende voedsel in de grond worden gebracht en al het onkruid moet grondig worden verwijderd. Daarna moet de plek waar het grasveld komt heel secuur worden geëgaliseerd. |
|
|
 |
Inzaaien of bezoden? |
 |
 |
De grondvoorbereiding is hetzelfde voor zaaien of bezoden. Zaaien liefst in de perioden eind februari tot half april of tussen begin augustus tot eind september. In andere perioden kan het problemen geven. |
|
|
 |
| Bezoden kan het hele jaar door, als het maar niet vriest. Bovendien kan een grasmat uit zoden al na zes weken prima worden gebruikt, terwijl het bij een ingezaaid grasveld zeker een jaar duurt voor het volledig te gebruiken is. Nog een nadeel van zaaisel: er waait bij het inzaaien gemakkelijk zaad in de borders. Dat geeft veel wiedwerk. Vooral in kleine tuinen worden daarom meestal zoden gelegd. |
|
|
 |
Zoden leggen |
 |
 |
Zoden worden opgerold geleverd. Ze zijn meestal 1 à 1,5 cm dik en meten uitgerold 250 x 40 cm. Eén zode geeft daarmee precies één vierkante meter gras. Dat rekent makkelijk. |
|
|
 |
| Leg de zoden op vochtige grond, altijd dwars op de kijkrichting en met verspringende naden. Begin bij de randen van het grasveld. Na het leggen de hele grasmat aanrollen met een walsje. De kanten bijsnijden en de naden extra afstrooien. Daarna goed sproeien. |
|
|
 |
Verzorging van uw gras door het jaar heen |
 |
- Maai het gras zolang het groeit. Dat is vaak van maart tot
november.
-
Strooi in de periode december-januari kalk. Dat gaat mosgroei
tegen.
-
Geef in maart een goede basisbemesting, liefst met langwerkende
gazonmest. Op de verpakking staat hoe lang de werking is
(meestal een paar maanden). In de zomer nog eens een
langwerkende mestgift geven. Gebruikt u 'gewone' meststoffen,
geef dan in maart een goede organische basisbemesting en vanaf
zes weken daarna om de vier weken een extra (kunst)mestgift.
-
Na eind augustus niet meer mesten. Het gras moet namelijk zo
'hard' mogelijk de winter in. Wat wel kan: in september nog een
gift stikstofvrije, kaliumrijke najaarsmest voor het gazon geven,
die de wortelgroei extra stimuleert. Dat is wel goed.
-
Nooit op bevroren gras lopen.
-
Als het gazon sterk vervilt is (met veel mos erin) kunt u de grasmat
verticuteren: met een verticuteermachine al het vuil eruit
trekken, tegelijk worden de wortels gescheurd en komt er lucht
bij de wortels. Daarna mesten. Het resultaat is een grasmat die
zich snel herstelt.
-
Beluchten is goed als de ondergrond erg hard en verdicht is.
Met een beluchter kunt u gaatjes in het gazon prikken, waardoor
de wortels weer lucht krijgen.
-
Het hele jaar door onkruiden uitsteken.
-
Een slechte grasmat kan in een paar fasen worden hersteld met
een gazonherstelset zonder het gazon eerst te moeten omspitten.
-
Verder water geven als het gras dat nodig heeft. |
|
|